Achteromkijken, op de plaats (geen rust) en weer vooruit

Als ik een ruime week voor de Zugspitze van hem moet horen hoe laat de start zal zijn, verbaast Edwin zich erover hoe slecht ik me voorbereid. En dat terwijl ik toch vaak genoeg verkondig dat ik maar wat doe. Nou is dat laatste natuurlijk deels een pose, dat weet ik ook wel, maar het is ook echt zo dat het me niet lukt me in detail voor te bereiden op zo’n wedstrijd. Ik neem me voor om goed te eten, maar ik weet niet precies hoeveel kilocalorieën ik binnen moet krijgen, en al helemaal niet hoeveel van die dingen er zitten in elke reep en gel die ik bij me heb. Ik houd er rekening mee dat het warm kan zijn, dat het koud kan zijn en dat het nat kan zijn, maar ga echt niet een week van tevoren kijken wat de weersverwachtingen zijn voor het gebied waar ik ga lopen. Ik zie wel. Ik probeer me heus wel een beeld te vormen van het parcours dat me te wachten staat, maar dat lukt me de ene keer beter dan de andere. Deze keer kwam ik niet veel verder dan dat er in het begin twee bergjes zouden komen, dan een heel stuk vlak, en dan op het laatst nog een berg. Ik had wel een lijstje waarop ik de cut-off tijden bij de verzorgingsposten had geschreven, maar op de site stonden niet de meters + en – tussen de posten, terwijl dat nou juist de echt interessante informatie is. Nou ja, dan niet. En het beviel me eigenlijk wel, op deze manier lopen. Ik wist het ongeveer, maar niet precies, en doordat ik niet precies wist wat ik kon verwachten, viel het ook nooit tegen. Oké, behalve dan die ene kilometer voor de post op 80km. Voor elke post stonden er bordjes om aan te kondigen dat de post nog 1km, respectievelijk 500m lopen was. Het was duidelijk dat ze voor het meten van die afstanden niet even de standaardmeter uit Parijs hadden gehaald – vrijwel elke keer waren de twee keer 500m aangenaam kort, maar die kilometer voor de post op 80 was verreweg de langste kilometer van het hele parcours. Sadistisch lang, vooral omdat het ook nog eens een heel lullig stuk klimmen was. Begon ik er in de loop van de afdaling ernaartoe werkelijk naar te snakken om weer eens even een stukje te stijgen, toen dat eenmaal mocht, wilde ik na 2 meter alweer niets liever dan dalen. Of een stukje vlak lopen – wat dachten jullie daarvan, bergbewoners?

Maar goed, gebrek aan voorbereiding is natuurlijk relatief. Als ik niet met Edwin die kant op zou zijn gegaan, zou ik heus nog steeds keurig op tijd in het startvak hebben gestaan. En die houding van ‘ik doe maar wat’ en ‘ik zie wel,’ geldt, voor alle duidelijkheid, niet het trainen voor de wedstrijd. Ik zeg het vaker, en nu nog maar eens: ik houd ervan om met een schema te trainen, en werk de trainingen van dat schema tamelijk gedisciplineerd en fanatiek (of is het nou toch autistisch?) af.

Voor eind augustus staat de Echappée Belle op mijn programma. Een loop door het Belledonne-massief (ik kende het ook niet), van Vizille naar Aiguebelle. 144 kilometer lang, 10.900 hoogtemeters. Naar het schijnt erg technisch terrein. De afstand moet in principe geen probleem voor me zijn. Denk ik. Het, weliswaar ontzagwekkende, aantal hoogtemeters ook niet. Het terrein? Hmm. Daar worstel ik me normaal gesproken ook wel doorheen, verwacht ik, maar dan wel als ik er zo lang over mag doen als ik nodig heb. En dát nu, lieve lezers, is wat de grote uitdaging zal worden, zo niet een onmogelijke klus: het halen van de tijdslimieten. Een loper die ik een paar jaar geleden ontmoette in Chamonix, zei toen dat hij meestal ongeveer twee keer zo lang over zijn (berg)wedstrijden deed als de winnaar, en ik heb gemerkt dat dat een vuistregel is die ook voor mij opgaat. Maar dan heb ik deze keer toch echt een probleem. De winnaars deden er in de afgelopen jaren (krap) 28 uur over, en de limiet is 54 uur. Ik moet er serieus, serieus rekening mee houden dat ik het niet ga redden (dat zou dan mijn eerste echte officiële DNF worden, aargh), maar ga er ondertussen natuurlijk zoveel mogelijk aan doen om het wél te halen.

Na de Zugspitze heb ik een week rust. Op maandagavond mailt Laurens me een vers schema. Ik heb in Zuid-Duitsland weer mogen merken dat mijn conditie weinig te wensen overlaat, maar ook dat mijn snelheid in de afdalingen in de loop van de wedstrijd ernstig terugzakt door de pijn in mijn bovenbenen. Ik train te veel in (relatief) vlak terrein; dat weet ik eigenlijk wel, maar je wordt er pas echt mee geconfronteerd in de bergen. Ik had me daarom al voorgenomen om in elk geval de dinsdagtrainingen vanaf nu standaard in Middenduin af te werken, werk of geen werk, dat moet dan maar even wachten. Die quadriceps móeten sterker! Laurens geeft me nu ook het dwingende dringende advies om tijdens mijn duurlopen geen meter vlak meer te lopen, en liefst tijdens de intervallen ook. Hmm, en dat terwijl ik juist dit weekend in Haarlem zou blijven.

Het wordt een week van rondjes lopen.
Op dinsdag dus in Middenduin. Ik loop in via de lange route buitenom. Dat is eigenlijk een verspilling van tijd, want die ronde is vrij vlak, en ik doe er langer over dan de 10 minuten die ik voor het inlopen gereserveerd heb. De volgende keer meteen de steile helling op. Ik mag 7′-19′-19′ in zone D lopen (met wisselende rustperiodes). Bergop zit ik al snel in D of in E, ook tijdens de herstelfases, en bergaf is het behoorlijk lastig om de hartslag hoger dan in B te houden. Maar ik doe mijn best, het gaat lekker en vooral die laatste 19′ vliegt voorbij. Ik ben haast een beetje teleurgesteld dat het klaar is.
Woensdagavond baantraining. Tja, zo’n atletiekbaan is natuurlijk niet echt hobbelig, maar ik vind het zo leuk… 9 x 600m, elke 200m versnellen. Dat versnellen lukt me niet zo goed. Het middelste deel hebben we tegenwind – dat is voor mij verreweg het lekkerste stuk.
Op vrijdagochtend zit ik om 8 uur bij de fysiotherapeut, en dan ben ik al halverwege Bleek en Berg, dus na afloop van de fysio fiets ik door. Ik begin met de groene route, en blijf op en rond de Brederodeberg hangen. Een gemiddelde snelheid van likmevesje, maar ik scoor wel mooi 340 hoogtemeters in 12,6km. Ik loop een stukje samen met een Nieuw-Zeelander uit IJmuiden, die hier ook een heuveltraining afwerkt. Aardige vent, goede loper.
Op zondag hetzelfde liedje, afgezien van het fysiobezoek dan. En twee keer zo lang. Ik mag 3 uur lopen, en dat is best lang om steeds dezelfde paadjes te nemen. Maar ik lees weleens verhalen van mensen die gedurende 12 uur rondjes gaan lopen op steeds dezelfde voormalige vuilnisbelt, dus 3 uur moet mij toch zeker lukken. Helemaal 3 uur is het trouwens niet, want ik begin weer met groen. Ik heb de neiging om al in het begin te gaan bedenken hoe lang nog, maar het lukt me die neiging uit te zetten. Gewoon lopen, niet nadenken, elke 15e minuut aanzetten, dat breekt de boel een beetje, en telkens weer bedenken welk pad ik omhoog en welk ik omlaag zal nemen. En wanneer ik de trap neem: erover of ernaast? Het is mooi weer, de omgeving kan ook een stuk beroerder, ik voel me lekker, kom nog wat bekenden tegen, kortom: een heerlijke training. En 730 hoogtemeters in the pocket.

Op het schema staan maar confronterend weinig duurlopen tot aan de EB. Tussen Zugspitze en EB zitten 10 weken. Klinkt comfortabel lang. Maar zo’n rustweek is in een vloek en een zucht voorbij, en als het schema na het weekend komt, en de loop is al op vrijdag, dan is het opeens nog maar ruim 8 weken. Opeens zit ik er helemaal in. Een mengeling van vreselijk veel zin (zo niet in het loopje, dan wel in de twee weken vakantie waarmee ik het combineer) en vreselijk veel zenuwen. En het besef dat ik me moet voorbereiden, goed voorbereiden.

 

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in hardlopen. Bookmark de permalink .

7 reacties op Achteromkijken, op de plaats (geen rust) en weer vooruit

  1. Matthew zegt:

    Gaat wel goedkomen met je daar in die Alpen, daar ben ik (zeker na Zugspitze) van overtuigd. Even buiten de tijdslimieten gerekend dan, want daar heb je toch maar bar weinig invloed op… En Laurens weet wat hij je laat doen, dat lees ik toch wel duidelijk in je verhaal. Nuttig! Ik herstel nog even verder als je het niet erg vindt… Vanaf donderdag ‘up-north’, voorwaar geen straf. Trainze!

  2. jacolien1965 zegt:

    Dank je, Matthew! Dat Laurens weet wat ie me laat doen, mag ik hopen, ja – misschien doet ook híj maar wat 😛
    Ik train lekker door, terwijl jullie het ervan nemen daar in het noorden. Een heerlijke vakantie gewenst.

  3. Succes! De EB schijnt inderdaad een erg zware loop te zijn! 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s