Exploderen

Het is jaren en jaren geleden, dat ik een uitgebreide sportkeuring onderging bij Laurens, specifiek gericht op traillopen. Ik liep destijds veel, lang, enthousiast en ambitieus en reed dan ook rustig vanuit Haarlem naar ergens in Brabant voor zo’n keuring. De stemming was lekker positief. Mijn conditie was uitstekend, en zelfs m’n buikspieren deden het goed. Tot ik gewichten moest gaan wegduwen met m’n benen. Leg presses dus (ik heb er verder geen verstand van, maar daar hoor ik weleens mensen over en het lijkt een logische term). Laurens liet me meerdere keren herkansen, want hij kon niet geloven dat dit het was, dat ik zó weinig vermogen leverde, en sprak toen de onvergetelijke woorden: “U bezit werkelijk geen greintje explosiviteit, mevrouw.” 

Het werd een leuke anekdote.

En daar bleef het bij. Ik nam het als gegeven aan. Het sloot en sluit immers ook aan bij m’n ervaring – veel meer een duursporter dan dingen met snelheid en kracht. Tot me vanmorgen iets begon te dagen.

Gisteravond hadden bij bij de atletiekclub een heuveltraining. Tien keer een minuut soort van vals plat een minuutje omhoog, steeds op dezelfde plaats startend, zodat je jezelf kan uitdagen om steeds iets verder te komen. Proberen op souplesse en op techniek te lopen, dat ook nog. Ik start elke keer best oké, maar na een halve minuut (de weg vlakt even af en begint daar dan net zo’n beetje weer te stijgen) lopen m’n benen steeds vol en kom ik voor m’n gevoel bijna stil te staan. Ik loop natuurlijk door, maak de minuutjes vol, en doe het misschien niet eens zo heel slecht, maar het voelt niet heel bevredigend, want zwaar op een niet-lekkere manier. Heerlijk om dan weer even naar beneden te lopen, naar het punt waar we steeds starten. Daar worden de hartslagen van deze en gene met elkaar vergeleken, en al moet je je nóóit met een ander vergelijken, het valt me wel op dat mijn hartslag in verhouding steeds heel snel behoorlijk laag is. Goede conditie? Ja, vast, maar misschien loop ik ook gewoon niet hard genoeg. Alleen: meer dan dit zit er echt niet in het vat.

Vanmorgen werd ik redelijk fit wakker. Slechts een lichte vermoeidheid in de benen. Ook de garmin is niet bijster onder de indruk van de inspanningen (zo weigert ie bijvoorbeeld m’n trainingsstatus aan te passen van ‘aanhouden’ naar ‘productief’ – super irritant 🙂 ). Ik heb het idee dat ik vermoeider zou moeten zijn dan ik ben, op grond van hoe zwaar ik de training heb ervaren. En opeens bedenk ik dat het niet helemaal klopt, of niet nodig zou moeten zijn, het grote verschil tussen m’n uithoudingsvermogen en het gemak (niet dus) waarmee ik die korte stukken omhoog loop. Heb ik me destijds niet veel te makkelijk neergelegd bij dat geconstateerde gebrek aan explosiviteit? Ik google maar eens op ‘explosiviteit trainen’, en stuit op een reeks plyometrische oefeningen. Ik begin te lezen en krijg acuut buikpijn – en dan staan de burpees er nog niet eens tussen 🙂 Ai, niet zo gek waarschijnlijk, maar dat zijn stuk voor stuk oefeningen waar ik niet goed in zal zijn en waar ik dus al bij voorbaat tegen opzie. Zou het echt nodig zijn? Snel hoef ik immers niet meer te worden. Uithoudingsvermogen en kracht iets meer in balans brengen zou ik echter best graag willen. Ook goed in het kader van blessurepreventie, denk ik. En met iets meer gemak de heuvels en bergen op lopen zou zeer welkom zijn; dat had ik eigenlijk al lang geleden opgegeven wegens nu eenmaal geen aanleg.

Nou, wie weet. Ik probeer vast een paar squats waar ik met een sprongetje uit omhoog kom. Valt niet tegen. De rest van de oefeningen weet ik al niet meer – ik heb het scherm snel weggeklikt.

Dit bericht werd geplaatst in hardlopen. Bookmark de permalink .

2 Responses to Exploderen

  1. Adriaan Voeten's avatar Adriaan Voeten schreef:

    altijd leuk weer een stukje Jacs te lezen 🙂 THXs

Plaats een reactie